Menubalk
 

Last update: 13-Jun-2009

Terug naar Techniek

TAXONOMIE

Inleiding Taxonomie

Taxonomie Praetorius

Taxonomie tabel

 

 

Registernamen

 

De Trayser van de webmaster

 

 

 

 

This page in English

Het Trayser harmonium van de menubalk

Alle tekst en alle foto's op deze pagina © Frans van der Grijn 2008

Het is toegestaan om foto's van deze pagina te downloaden voor eigen gebruik, onder de strikte voorwaarde dat de bij de foto behorende tekst integraal en ongewijzigd wordt overgenomen met een nauwkeurige bronverwijzing met daarbij een link naar deze pagina.

 

Eerder kon u al lezen hoe de menubalk van deze website tot stand gekomen is. Op deze pagina staat de uitleg van de menubalk. In deze rubriek "Techniek" nu wat meer informatie over dit eenvoudige en tegelijk mooie instrument.

Om te beginnen enkele details over de geschiedenis van deze duitse harmoniumbouwer.

Philip J. Trayser te Stuttgart. Waar de J. in zijn naam voor staat, heb ik tot nog toe in geen enkel boek terug kunnen vinden. Hetzelfde geldt voor zijn broer George W. Trayser, die in Amerika een bedrijf begon.
Maar bij George W. vermoed ik een bijzonder ver vooruitziende blik, dan wel een verlangen naar heerschappij op de vrije markt. :-)
Beiden, zowel Philip J. en George W. ontvingen hun opleiding in de harmoniumbouw in de fabriek van Alexandre te Parijs. In deze fabriek werden harmoniums gebouwd onder licentie van uitvinder Debain. De lijn van Debain naar Trayser is dus een korte geweest.

De firma werd opgericht in 1847 volgens de informatie in de bronnen. Pas in 1853 zijn de eerste schriftelijke bronnen te vinden in het Belastingregister van het boekjaar '53/'54, waar de firma genoemd wordt als "Physharmonica-Fabrik". Ahrens et al vermelden in "Das Harmonium in Deutschland" dat Ph. J. waarschijnlijk is uitgenodigd om tot een bestaand bedrijf(je) toe te treden. De gehele periode dat het bedrijf bestond, was het gevestigd in Stuttgart. In het jaar 1883 verkeert de firma in surcéance van betaling, maar slaagt er in weer volledig in bedrijf te komen. In 1905 wordt de firma gestopt en geliquideerd. In 1906 houdt het formeel op te bestaan. De firma Trayser bouwde van 1847 tot 1905 ongeveer 37.000 instrumenten, allen van het type drukwind, volgens de informatie van het Muziekinstrumentenmuseum van de Universiteit van Leipzig. Ord-Hume suggereert dat er ook zuigwind-instrumenten gebouwd zijn, maar geeft daar verder geen bewijzen van. Ik heb ze ook niet gevonden.

Rond 1890 bouwde Trayser voor een Japanse natuurkundige, dr. Shohei Tanaka uit Tokyo, een harmonium gestemd met een reine stemming, nadat Tanaka dat uitgevonden had, en het instrument "Enharmonium" noemde. Dit instrument omvat 20 tonen per octaaf. Diepergaande uitleg van dit instrument volgt later.

Philip J. starte dus in 1847 zijn bedrijf in Stuttgart, terwijl zijn broer George W. in 1849 in Indianapolis (Indiana) een bedrijf begon. Aan de hand van enkele foto's van een harmonium van Philip J., Duits dus, kunt u kennis maken met enkele technische eigenschappen van het drukwindharmonium.

Ik plaats de foto's met een toelichting, ik begin met een totaalbeeld, en begin daarna aan de achterzijde, onderaan. Waarmee ik het ontstaan van een toon probeer te verhelderen.

Trayser harmoniumium nummer 554

 

Trayser 554-01  

In de windlade is op meerdere plaatsen een serienummer ingeslagen, te weten nummer 554. Van het nummer 948 weten we dat het van 1873 dateert. Ik kan er dus met een gerust hart van uitgaan dat dit kleine maar fijne instrument dateert van vóór 1870.

 

De dispositie van dit instrument is:

Bas   Discant
 
E Expression
O Forté   1 Flûte
S Sourdine   2 Clarinette
2 Bourdon   T Tremblant
1 Cor Anglais   O Forté
G Grand Jeu   Kniezwel Forté B +D

 

Restauratie 2005 door Piet Bron, Oss
   

Vervolgens gaan we het instrument aan de achterkant bekijken. Daar zien we de diverse onderdelen die tezamen er voor zorgen dat er muziek gemaakt kan worden.

Aan de achterzijde zien we van onder naar boven:

  • de twee trappers waarmee de schepbalgen bediend worden
  • de twee schepbalgen, beplakt met wit leer
  • daarboven met de twee luchtkanalen links en rechts naar boven, de windlade, met in de ruimte tussen windlade en schepbalgen, de magazijnbalg, steunend op twee spiraalveren
  • de windlade is beplakt met papier met een blauwe tint. Dit is een geijkte methode om alles winddicht te krijgen. De kleur blauw schrikt insecten af
  • vervolgens daarboven de diverse laden, waar we later op terugkomen.
  Trayser554-02
Trayser554-03   Hiernaast zien we de verbinding tussen de trappers en de schepbalgen. Met behulp van een eenvoudige balans wordt de schepbalg omhoog gedrukt als de trapper naar beneden gedrukt wordt. In de onderzijde van de schepbalg rechts kunt u de inlaatgaten zien. Aan de binnenzijde van de balg liggen repen leer over deze openingen. Zodra getrapt wordt, wordt de inhoud van de balg kleiner en dus de druk in de schepbalg hoger, omdat de stroken leer tegen de gaten drukken. De verzamelde lucht in de schepbalg kan dan maar op één manier ontsnappen, door naar de windlade te stromen.
Door de camera op statief te zetten, de zelfontspanner te starten en met de hand de schepbalg te bedienen, heb ik de magazijnbalg kunnen vullen, zodat die zichtbaar is geworden in vergelijking met de foto hierboven. De twee spiraalveren onder de magazijnbalg drukken de bodem van de balg weer naar boven, waardoor de druk in de windlade constant blijft.   Trayser554-04
Trayser554-05   Inmiddels zijn we op de "etage" aangekomen boven de windlade. Hier zien we de mechaniek voor het inschakelen van de registers. Op de houten klossen draaien de messing hevels, en als een registerknop uitgetrokken wordt, dan drukt de hevel op een zware messing hefboom, die op zijn beurt een zwarte stoter (onder te zien) indrukt, die op zijn beurt dan weer de messing stotertjes aandrukken, waardoor aan de onderzijde van het hout een klep opengedrukt wordt. Daarmee is dan de verbinding tussen de windlade en de tongenlade opengezet, en kan de lucht naar de klankkamer stromen.
In de afbeelding hiernaast is het principe van de Grand Jeu te zien. De zwarte gietijzeren wals heeft zij-armen die op de zware messing hefbomen drukken, terwijl één zij-arm van de wals juist ónder een messing hefboom ligt. Als de Grand Jeu uitgetrokken wordt, drukt het mechanisme de onderliggende hefboom naar beneden, de wals draait nu, de vier bovenliggende zijarmen drukken de bovenliggende hefbomen naar beneden, waardoor alle aanwezige registers ingeschakeld worden. Terwille van de zichtbaarheid ook een grotere versie van deze foto.   Trayser554-06

 

Trayser554-08   Trayser554-09
De linkerfoto en de rechterfoto tonen hetzelfde register (de bovenste van de twee) links staat het uit, rechts staat het aan.
Goed te zien is hoe door het uittrekken van het register de hevel de hefboom indrukt.
  Ook goed te zien is het slijtspoor in de messing hefboom. Rond het jaar 2078 zal het register niet meer werken, heb ik met behulp van een schuifmaat uitgerekend, dan is de hefboom voorzien van een slijtage-spleet. :-)
     

Hier zien we het register Forté voor de baskant. Dit register opent een afdekklep, waardoor het geluid in volume toeneemt.

Iin de wereld van het harmonium schrijven we origineel Frans, dus Forté mét een accent. Bij zuigwindinstrumenten schrijven we Forte zonder accent, dus op z'n Engels.

  Trayser554-10
     
Trayser554-11   Op deze foto is de lade met daarin het registermechaniek en de toetsen, verwijderd. We zien hier de balansen die onder de toetsen liggen, en de ventielen openen waarmee lucht kan ontsnappen en de tong kan "spreken"
     

De ventiel balansen worden ingedrukt door de toets van het klavier. Zie de foto hier onder.

In de vorm van een filmpje wordt het waarschijnlijker nog duidelijker.

Voor het filmpje klik hier

Dit filmpje heb ik gemaakt met behulp van een doormidden gezaagd harmonium. Dit 'doorzagen" is een project van Arie Schüller uit Woerden. (zie de pagina met links).

 

The balances that open the note valves are pressed by the key of the manual.

Here is a link to a little movie: here

  Hier in detail de veren waarmee de balansen terug gedrukt worden naar de ruststand. (Ventielen zijn weer dicht, de klaviertoets komt weer omhoog).
     
Trayser554-24   Trayser554-30
Hierboven ziet u hoe deze balans er uitzien. Aan het eind het ventiel voor de beide tongenrijen.   De foto hierboven laat het leer op de ventielen zien. Na zoveel jaren bespeeld te zijn, zien we daar enige vervuiling.
Trayser554-13  

Het ingeslagen nummer van de "actie". Met "actie"bedoelen we het geheel van de laden, windlade, tongenlade, mechanieklade, klavierraam. Kortom, alles wat boven de windvoorziening aanwezig is.

Deze actie heeft nummer 554, als eerder genoemd een indicatie voor de leeftijd van het instrument

     
Trayser medaillon
  Trayser554-14
    Het klavier met de registertrekkers en het "naamplaatje" van de bouwer, op dit instrument een tinnen medaille van 4 cm diameter.
     
Trayser554-15  

Hier zien we het harmonium, waarbij de bovenkant van de kas verwijderd is, ook is het raam met het registermechaniek en het klavierraam verwijderd.

U ziet op de foto achterin twee gietijzeren hendels, daarmee wordt de lade vastgeklemd op de onderliggende laag. Ook aan de voorzijde ziet u twee van deze vergrendelingen. Links ziet u op de zijwand een gietijzeren houder (scharnier), waarmee de gehele lade opgengeslagen kan worden, zodat we bij de tongen kunnen komen.

     
Hier ligt de lade geopend. De gietijzeren hendels/haken zijn nu ook goed zichtbaar. De windlade ligt nu dus ondersteboven, daarachter ziet u de bovenkant van de windlade. Hieronder krijgt u meer gedetailleerde foto's van deze onderdelen.   Trayser554-16
     
Trayser554-23   Hier zien we dat elke balans is voorzien van een volgnummer. Daar is een goede reden voor. Alle balansen zijn nieuw volkomen aan elkaar gelijk. Maar na veelvuldig gebruik, onstaan er gebruikssporen. Door de balansen te nummeren komen ze na een onderhoudsbeurt allemaal weer op hun oude plek te liggen.
     
Trayser554-27   Trayser554-28
Het register "Sourdine" is precies hetzelfde register als Cor Anglais. Er is maar één rij tongen voor deze twee registers. Door de Cor Anglais te gebruiken gaat de rode klep rechts open, en krijgen de tongen hun wind.
Bij het register Sourdine blijft de rode klep gesloten, en wordt alleen het ronde gat met de afsluiter gebruikt. Deze afsluiter kan gedraaid worden, zodat precies de hoeveelheid wind geregeld kan worden. De Sourdine krijgt dus minder wind dan de Cor Anglais. Daardoor klinkt hij aanzienlijk zachter. Links van de Sourdine ziet u een klepje met een veer. Dat is het ontlastventiel. Zodra het register uitgezet wordt, wordt dit klepje losgemaakt, waardoor eventueel nog aanwezige luchtdruk uit de klankkamer weg kan lopen.
 

Hierboven ziet u de Tremblant. De Tremulant die alleen werkt op het achtvoetsregister. Zodra het register 1 Flûte wordt aangezet, is de Tremblant uitgeschakeld.

Dit is een zeer eenvoudig mechanisme. Het principe is dat als de registerkleppen van Flûte en Tremblant niet tegelijk open kunnen staan.

Om te voorkomen dat bij veel luchtdruk (met gebruik van de expression forté spelen) het klepje rechtovereind zou komen, of zelfs omklapt, is het klepje zo groot dat het rechtopstaand niet meer in de klankkamer past. Het móet dus terugvallen naar de beginsituatie. De schatting is dat het volledig geopend hooguit een hoek van 60 graden kan maken.

     

Hier heb ik de afdekking van de Tremblant opgelicht voor de foto.

De werking is eenvoudig. Zodra de Tremblant lucht krijgt, wordt het losliggende "deksel" iets opgelicht. Door het eigen gewicht en de op het deksel aangebrachte verzwaring, valt het klepje door zwaartekracht dicht, en vervolgens wordt het weer opgetild.

Het resultaat is dat de toon gaat vibreren, het klinkt als een vrij fanatieke, kort stotende tremulant. Waarschijnlijk zou bij een iets groter contragewicht het effect iets rustiger worden. (De "slag" wordt dan langzamer).

  Trayser554-29
     
Voor de liefhebbers heb ik een filmpje gemaakt van de werking van de Tremblant. Het filmpje is gemaakt de digitale camera. Het licht was niet optimaal. Het instrument helemaal opengemaakt, dus u hoort allerlei geluiden die er normaal niet zijn. Het filmpje duurt precies 6 seconden.  

Klik hier om het filmpje te bekijken.
Bestandsgrootte is 3,4 Mb, dus.....

BEKIJK

     

 

De paarse lijnen op de drie bovenstaande foto's zijn de zogenaamde "wads". Een smalle strook leer, waarin speciaal geprepareerde draden wol in een streng van ongeveer een centimer dik, samengerold worden en dichtgenaaid. Het eindresultaat is een ronde streng van leer, gevuld met woldraden. Dit is de historisch gebruikte manier om luchtdichte afdichtingen te maken tussen de laden. Op de pagina over Louis Huivenaar (in de rubriek Leermeester) ziet u daar ook foto's van en een uitleg over het maken van de 'wads'.

De tongen van Trayser

Bij enkele duitse bouwers werden de tongen enigszins anders geplaatst als in een standaard model harmonium. Zien we bij de meeste harmoniums aparte tongramen met 1 tong, bij Trayser en anderen zien we "tongplaten" variërend in omvang. In dit kleine instrument met twee rijen tongen zien we van de bas naar de discant platen van verschillende omvang. Ik heb altijd de naam "octaafplaten" horen gebruiken, maar toen ik het instrument openmaakte en ging tellen kon ik nergens een 'octaafplaat' zien of 'tellen'. Het eerste wat opviel dat zowel bij de bas als bij de discant de laagste toon zichtbaar in een afgezaagd tongraam ligt.

 
Bas
 
Discant
16 voet
1
13
15
1
16
15
8 voet
1
13
15
1
16
15

 

Trayser554-17
Hier ziet u de windlade met twee rijen tongen in zijn geheel.
Trayser554-18
de tongen van de baskant
Trayser554-19
de tongen van de discant
 
Trayser554-20
De 16 voets tongen van het Groot-octaaf
Trayser554-21
Detail van de tongen discant
 
Trayser554-22
Hier ziet u goed de schroeven waarmee de tongen zijn vastgemaakt aan het raam, en de schroeven waarmee het tongraam is vastgemaakt. De witte strepen langs de rand zijn repen leer, om een luchtdichte afdichting te krijgen.
Hierboven (een kwartslag gedraaid) de laagste tong van de bas, die in een eigen raam zit, duidelijk afkomstig van een tongplaat. Ook in de discant zien we dat de laagste tong apart ligt.
 
Trayser554-22
Het naamstempel van de bouwer in de tongramen. (Alleen het discantraam)

Ter vergelijking, het uiterlijk van tongen, waarbij elke tong een eigen raam heeft. Ik laat meteen ook maar het verschil tussen zuigwindtongen en drukwindtongen zien. Boven de drukwindtongen, onder de zuigwindtongen.

   
   
In beide versies kunt u zien dat het verschil tussen een 16 voets tong en een 8 voets tong marginaal is. Omdat de lengte van de tong de toonhoogte bepaalt, wordt het uiteinde van de tong verzwaard, de op afbeeldingen toed te zien. Hierdoor ontstaat een lagere toon dan welke voortvloeit uit de lengte van de tong. In een ander artikel wordt dit nog verder uitgewerkt.

 

 

 

 

 

 

 

 

Terug naar boven